BAGO-voorzitter: “Twee derde van het gokverkeer valt buiten de wet”
De cijfers liegen niet. Twee derde van het online gokverkeer in België belandt bij aanbieders zonder vergunning.
“Als we spelers niet kunnen houden, verliezen we elk zicht op bescherming,” zegt de voorzitter van de Belgian Association of Gaming Operators (BAGO).
De waarschuwing komt hard aan in een markt waar toezicht en zorg steeds afhankelijker worden van de effectiviteit van één woord: kanalisatie.
Kanalisatie is geen theorie, maar noodzaak
België kiest ervoor om kansspelen niet te verbieden, maar te reguleren. Die keuze berust op één voorwaarde: spelers moeten binnen het vergunde aanbod blijven. Alleen dan kunnen EPIS-blokkades, leeftijdsverificatie en stortingslimieten hun werk doen. Wie wegvalt uit die structuur, komt in een vrije ruimte terecht – zonder regels, zonder hulp.
De realiteit is dat die grens steeds vaker wordt overschreden. Jongeren tussen 18 en 21 jaar spelen massaal op illegale websites. Volgens recent onderzoek gokt 65% van hen op platforms die geen enkele bescherming bieden. Voor spelers die zichzelf via EPIS hebben uitgesloten, blijkt het probleem nog schrijnender: bijna de helft gokt door op niet-vergunde sites.
De zwarte markt breidt uit, de bescherming verdwijnt
Met elk extra bezoek aan een illegale site verdwijnt ook een deel van de maatschappelijke controle. Die platforms dragen niets af aan belastingen of hulpverlening. Ze bieden hoge bonussen zonder limiet, gebruiken cryptobetalingen en vragen zelden naar leeftijd of identiteit. Voor een kwetsbare speler is dat geen vrijheid, maar gevaar.
Tegelijk vloeit 23% van het Belgische gokbudget naar sites die niets met de Belgische wet te maken hebben. Dat is niet alleen een economische kwestie, maar een sociale. Want elke euro die daar verdwijnt, is er één die niet bijdraagt aan zorg, preventie of toezicht.
Legale sector grijpt zelf in via nieuwe aanpak
BAGO wijst op de verantwoordelijkheid van de erkende aanbieders. Met hun vernieuwde Duty of Care Charter willen zij meer doen dan alleen voldoen aan de wet. Via AI detecteren ze afwijkend speelgedrag, zoals plotselinge inzetten of nachtelijk gokken. Maar technologie is niet het eindpunt. Getrainde medewerkers nemen contact op met spelers die risicogedrag vertonen, en bieden actief hulp aan.
Bovendien deelt BAGO zijn data en inzichten met wetenschappers en toezichthouders. De tools worden voortdurend aangepast op basis van wat werkt. Niet op basis van vermoedens, maar van bewezen effecten.
Beleid moet met het kanaal meebewegen
Volgens BAGO staat of valt alles met drie beleidsprioriteiten. Handhaving is er daar één van: illegale sites moeten geblokkeerd worden, en de geldstromen ernaartoe drooggelegd. De Kansspelcommissie moet daarvoor meer slagkracht krijgen.
Daarnaast moet regelgeving gebaseerd zijn op feiten, niet op angst. Als wetten de legale sector te veel beperken, duwen ze spelers naar de grijze zone. Dat is wat BAGO ziet gebeuren in Nederland, waar een te streng beleid het illegale aanbod juist in de kaart speelt.
Tot slot pleit de sector voor coherente regelgeving. De regels moeten voor álle aanbieders gelden. Want zodra de ene meer mag dan de ander, verliest de consument het vertrouwen – en kiest die vaker voor het pad met minder regels, hoe onveilig ook.

