Nederland: justitie beschermt operatoren
De Hoge Raad der Nederlanden heeft geoordeeld dat contracten die vóór 1 oktober 2021 werden gesloten tussen spelers en online kansspeloperatoren die toen geen Nederlandse vergunning hadden, niet om die reden alleen kunnen worden vernietigd. Deze beslissing sluit de belangrijkste weg af die voormalige klanten gebruikten om de terugbetaling van hun verliezen te eisen.
Een uitspraak die het financiële risico voor Unibet verkleint
De beslissing van 3 juli 2026 betekent een grote opluchting voor Unibet en zijn moedermaatschappij FDJ United. Het merk wordt geviseerd door een collectieve vordering van 75 miljoen euro, die in oktober 2025 werd ingesteld door claimorganisatie Dynamiet rond de intresten en verloren inzetten van 2.500 voormalige klanten van Unibet. Hun centrale argument steunde op het ontbreken van een Nederlandse vergunning van de operator op het moment dat de spelen en weddenschappen werden aangeboden.
De Hoge Raad heeft deze redenering echter verzwakt. Hij oordeelt dat overeenkomsten tussen spelers en operatoren van vóór de hervorming van 2021 niet automatisch ongeldig zijn. Het ontbreken van een vergunning volstaat dus op zichzelf niet om een onderneming te verplichten de verloren bedragen terug te betalen.
Deze conclusie maakt niet noodzakelijk een einde aan alle individuele procedures, maar neemt de eisers wel hun belangrijkste juridische grondslag af. Om een vernietiging of schadevergoeding te verkrijgen, zullen voormalige spelers voortaan bijzondere omstandigheden moeten aanvoeren, zoals een dwaling die hun toestemming heeft beïnvloed of een onrechtmatige gedraging die de aansprakelijkheid van de operator kan doen ontstaan.
De oude contracten worden niet nietig verklaard
Vóór 1 oktober 2021 beschikte Nederland nog niet over een gereguleerde markt die openstond voor online kansspeloperatoren. De wet op kansspelen op afstand heeft daarna een stelsel ingevoerd waardoor vergunde ondernemingen hun diensten legaal aan Nederlandse spelers konden aanbieden.
Internationale bedrijven waren echter al vóór die opening in het land aanwezig. Zij opereerden in een juridisch onzekere periode, zonder nationale vergunning, terwijl veel consumenten hun sites gebruikten.
Verschillende voormalige spelers waren van mening dat de contracten die tijdens deze periode werden gesloten als onbestaand of vernietigd moesten worden beschouwd. Volgens hen kon een onderneming zonder vergunning hun inzetten niet geldig aanvaarden. Ze vroegen daarom de terugbetaling van de verliezen die vóór de inwerkingtreding van het nieuwe stelsel werden geregistreerd.
De Hoge Raad heeft deze interpretatie verworpen. Na onderzoek van de formulering en structuur van de Nederlandse Wet op de kansspelen van 1964 concludeerde hij dat de tekst niet voorzag in de automatische ongeldigheid van transacties met een niet-vergunde operator. De geplaatste weddenschappen en gespeelde casinospellen van vóór oktober 2021 blijven dus juridisch erkend. De beslissing preciseert ook dat deze overeenkomsten niet als strijdig met de openbare orde kunnen worden beschouwd om de enkele reden dat de operator geen Nederlandse vergunning had.
Twee rechtbanken wachtten op het antwoord van de Hoge Raad
Het dossier kwam bij de Hoge Raad terecht in de vorm van prejudiciële vragen van de rechtbank Amsterdam en de rechtbank Noord-Holland. In de onderzochte zaken vroegen voormalige klanten de vernietiging van hun contracten en de terugbetaling van hun verliezen. Zij stelden dat de operatoren hun diensten zonder vergunning hadden aangeboden onder het toen geldende juridische stelsel.
De betrokken rechtbanken hadden een duidelijke interpretatie van de nationale wetgeving nodig voordat zij de behandeling van deze vorderingen konden voortzetten. Het antwoord van de Hoge Raad legt nu een richting vast waarmee lagere rechtbanken rekening zullen moeten houden in vergelijkbare geschillen.
Deze verduidelijking zou moeten doorwegen op talrijke procedures tegen merken die vóór de hervorming actief waren in Nederland. Ze vermindert sterk de mogelijkheid om een algemene terugbetaling van verliezen te verkrijgen door enkel te wijzen op de regelgevende illegaliteit van het aanbod.
Bwin, 888 en verschillende merken eveneens betrokken
Verschillende operatoren waren aanwezig op de Nederlandse markt in de periode vóór de officiële opening.
Onder hen bevinden zich Bwin, PartyCasino en PartyPoker, merken die verbonden zijn aan de Entain-groep, evenals 888 en Unibet. Unibet behoorde toen tot de Kindred-groep, waarover FDJ United later de controle heeft verworven.
Deze ondernemingen werden jarenlang geconfronteerd met terugbetalingsclaims van voormalige klanten. De beslissing van de Hoge Raad zou hun verdediging moeten vergemakkelijken, omdat ze het idee onderuit haalt dat elk contract van vóór 2021 automatisch nietig zou zijn.
FDJ United verklaarde dat het arrest een “belangrijke juridische verduidelijking voor alle betrokken partijen” bracht. Een woordvoerder van de groep legde uit dat “het centrale juridische argument dat door de eisers werd aangevoerd met betrekking tot kansspelcontracten die vóór de regulering van de Nederlandse markt, op 1 oktober 2021, tussen spelers en operatoren werden gesloten, niet kan worden aanvaard.”
Unibet had de vordering van 75 miljoen euro van Dynamiet al betwist. Het bedrijf verwees daarbij onder meer naar zijn contacten met de Nederlandse regering en zijn intentie om een vergunning aan te vragen zodra de definitieve regels van de nieuwe markt bekend zouden zijn.
FDJ United verbindt deze zaak bovendien met de voorwaarden van zijn overname van Kindred. In januari 2024 had FDJ een volledig contant bod van 2,6 miljard euro uitgebracht. De groep rondde de overname van een controlerend belang af op 11 oktober 2024. Volgens FDJ United werden de activiteiten van Kindred in markten zonder lokale regelgeving na deze controleverwerving afgestoten, samen met de bijbehorende financiële verantwoordelijkheden. Deze operatie betrof met name de activiteiten die in Nederland werden uitgevoerd vóór de legale opening van de markt in 2021.
Een belangrijke overwinning, maar niet het einde van de beperkingen
Voor Unibet, Bwin, 888 en de andere betrokken operatoren vormt het arrest van 3 juli een belangrijke overwinning. Het sluit de voornaamste weg af waarmee voormalige spelers collectief de terugbetaling konden eisen van hun verliezen van vóór oktober 2021.
Toch blijven vorderingen op basis van dwaling, een specifieke tekortkoming of een onrechtmatige daad mogelijk. De situatie van elke speler kan dus nog afzonderlijk worden onderzocht.

