Ksa wil zorgvuldigere berichtgeving over gokken: ook relevant voor België
De Nederlandse Kansspelautoriteit heeft een handreiking gepubliceerd voor journalisten die berichten over gokken en gokschade. De toezichthouder vraagt aandacht voor woordkeuze, betrouwbare cijfers en informatie over hulp. Ook voor Belgische redacties is dat relevant: berichtgeving over de Kansspelcommissie, uitsluitingen en gokproblemen vraagt om meer dan een opvallende kop.
Waarom de Ksa zich tot redacties richt
Gokken komt regelmatig in het nieuws. Soms gaat het over een boete voor een aanbieder, soms over sportweddenschappen of iemand die door gokken in financiële problemen belandt. Volgens de Kansspelautoriteit beïnvloedt die berichtgeving hoe het publiek naar gokken kijkt.
Met de op 27 oktober gepubliceerde mediahandreiking voor berichtgeving over gokken en gokschade wil de Ksa redacties ondersteunen. De nadruk ligt onder meer op het voorkomen van negatieve beeldvorming over mensen die schade door gokken ervaren.
De toezichthouder pleit daarnaast voor een vaste verwijzing naar hulp bij artikelen over gokken. Zo krijgt de lezer naast informatie over het probleem ook een aanknopingspunt om ondersteuning te zoeken.
De persoon centraal, zonder gokproblemen te verzwijgen
De handreiking bevat acht aandachtspunten. Die gaan over feitelijke berichtgeving, aandacht voor productrisico’s en de rol van de industrie, respectvolle taal, herstel, sociale normen, betrouwbare cijfers, neutrale beelden en hulpinformatie.
Een belangrijk uitgangspunt is dat een persoon niet wordt teruggebracht tot zijn gokproblemen. Een formulering als ‘iemand met een gokverslaving’ beschrijft een probleem zonder dat probleem tot iemands volledige identiteit te maken. Bij een herstelverhaal kan ‘iemand die herstelt van een gokverslaving’ passend zijn.
Dat onderscheid vraagt ook om nauwkeurigheid. Niet iedereen die gokschade ervaart, heeft een vastgestelde verslaving. Een journalist moet dus blijven beschrijven wat daadwerkelijk bekend is, zonder zelf een diagnose toe te voegen.
Ook begrijpelijke taal telt. ‘Gokschade’ is bijvoorbeeld directer dan ‘gokgerelateerde schade’. De ernst van het onderwerp hoeft niet te verdwijnen wanneer de formulering eenvoudiger wordt.
De Belgische Kansspelcommissie heeft een andere rol dan de Ksa
Voor België is een helder onderscheid tussen beide toezichthouders essentieel. De Kansspelautoriteit houdt toezicht in Nederland. De Kansspelcommissie vervult de Belgische toezichthoudende rol. Het Nederlandse mediaadvies mag daarom niet worden gepresenteerd als een nieuwe Belgische verplichting.
De inhoud raakt wel aan onderwerpen waarover Belgische redacties dagelijks berichten. Denk aan vergunningen, illegale websites, reclame en de bescherming van uitgesloten spelers.
EPIS is daarvan een concreet voorbeeld. De Belgische wet beschrijft het systeem als een instrument waarmee betrokken vergunninghouders controleren of iemand van kansspelen is uitgesloten. De Kansspelcommissie beheert daarbij onder meer de uitsluitingsverzoeken.
Een artikel over EPIS moet daarom uitleggen wat het register doet. Alleen schrijven over een ‘zwarte lijst van gokkers’ geeft lezers onvoldoende inzicht in de beschermende functie en de verschillende redenen voor uitsluiting.
EPIS-cijfers laten zien waarom uitleg nodig is
Gambling Club berichtte eerder over de ruim 715.000 geweigerde toegangspogingen via EPIS in 2025. Volgens dat overzicht ging het om 715.373 geblokkeerde pogingen.
Dat betekent niet dat evenveel verschillende mensen toegang probeerden te krijgen. Eén persoon kan meerdere pogingen ondernemen. Wie het aantal blokkeringen als een aantal unieke spelers presenteert, geeft een onjuist beeld.
Hetzelfde geldt voor vrijwillige uitsluitingen. Eind 2025 stonden volgens het aangehaalde overzicht 66.998 mensen op eigen verzoek geregistreerd. Dat cijfer vertelt hoeveel mensen die bescherming gebruikten. Het bewijst niet hoeveel mensen in België een gokverslaving hebben.
Voor redacties ligt hier een praktische les: vermeld bij een cijfer steeds wat er wordt geteld, over welke periode en bij welke groep. ‘Accounts’, ‘spelers’, ‘aanvragen’ en ‘toegangspogingen’ zijn verschillende grootheden.
Ook geldbedragen kunnen een verkeerd beeld geven
Een vergelijkbaar probleem ontstaat bij financiële cijfers. Inzetvolume, stortingen, spelersverlies en bedrijfswinst worden in berichtgeving gemakkelijk door elkaar gehaald.
Wanneer gewonnen geld opnieuw wordt ingezet, telt het opnieuw mee in het inzetvolume. Een hoog totaal aan inzetten betekent daardoor niet dat spelers datzelfde bedrag vanaf hun bankrekening hebben overgemaakt of verloren.
Gambling Club legde dat onderscheid uit in een artikel over Belgische uitbetalingscijfers en de betekenis van RTP. Daarin wordt ook duidelijk waarom een theoretisch uitbetalingspercentage geen persoonlijke terugbetalingsgarantie is.
Zorgvuldige berichtgeving vraagt om die uitleg, zeker wanneer een kop grote miljoenenbedragen noemt. Het bedrag kan correct zijn, terwijl de betekenis die een lezer eraan geeft toch niet klopt.
Kijk ook naar aanbieders en de omgeving
De aandacht voor de mens achter gokproblemen betekent niet dat alle verantwoordelijkheid bij die persoon moet worden gelegd. Een journalistiek verhaal kan ook onderzoeken welke rol het spelaanbod, commerciële prikkels en controles spelen.
Voor de Belgische context is daarnaast het onderscheid tussen vergund en illegaal aanbod belangrijk. Tegelijk moet worden voorkomen dat iedere speler bij een illegale website dezelfde motivatie krijgt toegeschreven.
In een eerder artikel over waarom spelers bij illegale goksites terechtkomen besprak Gambling Club Brits onderzoek naar uiteenlopende beweegredenen. Sommige deelnemers zochten bewust minder beperkingen, anderen kwamen via aanbevelingen bij een website terecht.
Die buitenlandse bevindingen mogen niet automatisch op Belgische spelers worden toegepast. Ze bieden wel vragen voor verder onderzoek. Een samenhang tussen onvrede over controles en illegaal gokken bewijst bijvoorbeeld nog niet dat de controles de overstap veroorzaken.
Een herstelverhaal vraagt ook om passende beelden
De aanbeveling om neutrale beelden te gebruiken, is eveneens bruikbaar voor Belgische media. Een foto met champagne, bankbiljetten en een juichende speler kan een andere boodschap overbrengen dan een artikel over schulden of verlies van controle.
Ook het tegenovergestelde verdient aandacht. Een stereotiep beeld van een radeloze persoon vertelt weinig over de uiteenlopende omstandigheden waarin gokproblemen ontstaan.
Een redactie kan daarom beoordelen of het gekozen beeld informatie toevoegt en aansluit bij het onderwerp. Hetzelfde geldt voor de kop: een concreet beschreven probleem is doorgaans informatiever dan een algemeen etiket als ‘schokkend’.
Hulpinformatie laten aansluiten op Belgische lezers
Een verwijzing naar ondersteuning moet passen bij het land van de lezer. Een Nederlands uitsluitingssysteem kan niet zonder toelichting worden overgenomen in een Belgisch artikel.
Voor Belgische lezers kan informatie over EPIS worden gecombineerd met een verwijzing naar hulpverlening. Uitsluiting en begeleiding hebben immers verschillende functies: toegang beperken is iets anders dan ondersteuning krijgen bij de gevolgen van gokken.
Wie zich zorgen maakt over het eigen gokgedrag of dat van iemand in de omgeving, vindt bij Gokhulp.be informatie, zelftests en online ondersteuning. Het platform biedt kosteloze, anonieme zelfhulp en professionele online begeleiding.

